Strijken

Het is duidelijk dat de nesteldrang zich van mij meester heeft gemaakt, want opeens voelde ik de drang, de noodzaak, de dwingende behoefte om te gaan strijken. En als er iets is dat ik zonde van mijn tijd vind, dan is het wel strijken. De keren dat ik strijk in een jaar, zijn op een hand te tellen: af en toe een blouse of een jurk als het echt niet anders kan. Maar daar laat ik het meestal bij. Want zodra je het kledingstuk aandoet, verkreukelt het toch weer dus wat heeft het voor zin?

Maar nu, hoogzwanger en door hormonen gedreven, besloot ik dat de lakentjes en moltondoeken voor het wiegje van Nummer 2 gestreken moesten worden. Ik zette vast beraden de strijkplank neer – die ergens helemaal achteraf in het washok staat, sowieso al een gedoe – deed de radio aan en begon dapper aan mijn taak.

Allereerst stoorde ik me weer eens aan het feit dat de strijkijzer eigenlijk alleen voor rechtshandige mensen ontworpen is. Want voor linkshandigen zoals ik zit het snoer pertinent aan de verkeerde kant. Vervolgens had ik het na drie lakentjes eigenlijk wel gehad, maar ja, ik had nu eenmaal deze weg ingeslagen en ik moest en zou het afmaken ook.

Zwetend en vloekend ging ik verder tot ik uiteindelijk klaar was. Waarschijnlijk voor de echte strijkers onder u was mijn strijkwerk ver beneden de maat, want er zaten nog wel degelijk plooien hier en daar. Het kon me niet schelen. Als het maar klaar en opgevouwen en net genoeg was om op te bergen.

Ik ging aan de keukentafel zitten om bij te komen en merkte dat mijn linkerhand licht trilde van de inspanning. Sorry Nummer 2:  dit was de eerste en meteen ook de laatste keer dat ik je lakentjes gestreken heb. Ik hoop dat je het me later kunt vergeven. Je moeder kan wel heel lekker koken.

Advertenties