De dame van de kringloopwinkel

Voorheen kwam ik zeker een keer per week bij deze kringloopwinkel langs.  Die met de wat mooiere spullen. Daarvoor had ik dan net mijn hart uitgestort bij mijn psych en was het vervolgens tijd voor wat ‘retail therapy’ bij dit fijne, kleine winkeltje. Algauw herkende een van de medewerksters me en we hadden grappige gesprekjes over hoe je krullerig haar (zij ook) het beste kon verzorgen, hoe het met haar ex ging, van welke muziek ze hield en alles wat er verder in haar opkwam. Ze bleek nogal een flapuit met ook nog eens een harde stem maar wel duidelijk met een groot hart. Ik ging er altijd weer blij vandaan met meestal een nieuwe schat die ik in de winkel had gevonden.

Nu was ik er al meer dan een jaar niet geweest, bij deze kringloop. Ik kwam niet meer in de buurt en als ik dat wel was had ik haast (kind 2 wegbrengen of kind 1 ophalen). Maar nu had ik opeens een paar extra uurtjes voor mezelf, zomaar op de vrijdagmiddag! Beide kinderen waren onder de pannen en ik was zowaar in de buurt van de winkel dus hoog tijd om weer eens langs te gaan.

De medewerkster was er zoals gewoonlijk en herkende me meteen en riep enthousiast: “Lang niet gezien zeg!” We kletsten wat over dit en dat en na een minuut of tien zei ze: “Mag ik je wat vragen?” Het bleek dat ze na twee en een half jaar daar gewerkt te hebben, nu weg bezuinigd werd. Van hogerhand. En of ik een, door haarzelf op een A4 met de hand getekende, lijst wilde tekenen zodat ze kon laten zien met hoeveel vaste klanten ze contact had. Natuurlijk wilde ik dat. Terwijl ik tekende viel haar collega haar bij met hoe belachelijk dit was en wat een puinhoop het bij het UWV is. De medewerkers bij deze kringloop zitten namelijk in een re-integratie project maar degene die hen hiermee zou moeten helpen bij het UWV had gezegd: “Ik werk hier al tien jaar en heb nog nooit iemand aan een echte baan kunnen helpen.” Tja.

Ondertussen rekende ik mijn gevonden vondsten (een bordje met een kreeft erop en een paars wollen rokje) af en kreeg ik ook nog korting van de medewerkster. “Weet je op wie jij lijkt?” riep ze ineens uit. “Die zangeres, die op een boot woont. Ellen ten Damme!” Ik glimlachte en zei: “Dat heb ik vaker gehoord. Niet vervelend om met haar vergeleken te worden.”

Ik wenste haar veel succes met de handtekeningenactie, maar heb er een hard hoofd in. Instanties, beslissingen van bovenaf. Ik vrees dat ze de volgende keer dat ik er kom, niet meer zal werken. Hopelijk brengt ze dan ergens anders wat zonneschijn.

M’n rug op

Ben ik eindelijk verlost van de knallende koppijn (hoera voor de fysiotherapeut! en mezelf, aangezien ik braaf de oefeningen heb gedaan…) schiet het een paar dagen geleden in m’n rug. Gewoon, op m’n werk, terwijl ik een map uit de kast haal. Echt: wat wil je me vertellen kosmos?

Gisteren toen ik probeerde op te staan, viel ik naast m’n bed van de pijn. Al kermend en zwetend en deurposten vast klampend de douche kunnen bereiken. Ook naar de wc gaan ’s nachts (ik moet daarvoor de trap af…) is een, eh, uitdaging.

Zo moet ik het dan maar zien: weer een uitdaging op mijn pad. Ondertussen voel ik me 38 “going on 60” maar goed. De uitdaging: ik ga ‘m aan. *Zucht nog eens diep…*

Barstend hoofd

Die plaat dus. Twee maanden geleden viel het ding op mijn hoofd. Nu moet ik naar de fysiotherapeut omdat ik last heb van spanningshoofdpijn, die langs mijn nek naar boven kruipt en zorgt dat ik soms het gevoel heb dat mijn oog uit mijn hoofd geduwd dreigt te worden. Mijn nek heeft blijkbaar de klap van de plaat opgevangen en daardoor is de boel verkrampt en voel ik me soms alsof ik uit elkaar barst. Zucht. Word er soms behoorlijk moedeloos van. De les: alles kan in een klap anders zijn – leef bij de dag – etc. etc. heb ik toch al uitgebreid gehad de afgelopen jaren?

Maar ja, wat doe je eraan? Daarom doe ik maar braaf mijn oefeningen en hoop dat het ooit over gaat. Alcohol helpt wel merk ik, voor de ontspanning van de spieren. Mocht ik hier onzin uit gaan kramen, wijs me er dan wel even op. Dan weet ik wanneer ik moet stoppen. Burp.