Jubileum plaquette

Vandaag is voor mij een bijzondere dag. Het begin van een nieuw leven, de markering tussen daarvoor en daarna. Het einde van de onschuld en het begin van de onzekerheid. Want vandaag  precies dertien jaar geleden had ik mijn allerlaatste behandeling tegen borstkanker: voor mij een bijzonder jubileum. Een dag om stil te staan bij het feit dat ik er, ondanks alles, nog ben! Hoera! Negen jaar geleden (!) was ik nog niet zo lang moeder en vierde ik het zo: 17 oktober 2009

Dit jaar gaat M. met Zef en twee vriendinnen naar de opening van Cinekid en zit ik bij de zwemles van June, waarna ik doorsjees naar mijn les bij de Schrijversvakschool. Alive and kicking dus!

Bij het woord jubileum moet ik overigens altijd aan deze sketch – zie onder –  van Van Kooten en de Bie denken en kan ik het woord alleen nog maar zo uitspreken: jubileuuum. En 12,5 of 13 jaar is ook bijna hetzelfde toch? Misschien ook tijd voor een penning of plaquette alhier. Ik zal eens vragen of de kinderen wat moois in elkaar kunnen flansen vandaag.

Driewerf hoera!

Van Kooten en de Bie – Jubileum plaquette

Advertenties

Haas is de baas

Twee jaar geleden adopteerden we twee lieve kattenbroertjes van vier jaar oud, van een collega die naar Amerika remigreerde. Ze zochten een nieuw huis en nadat ik M. had overtuigd dat dat bij ons moest zijn en de kinderen door het dolle waren, kwamen ze bij ons wonen. We gaven ze nieuwe namen: eerst waren ze Tommy en Max, nu werden ze Vos en Haas. De meest rooie kater Vos en de kater met wit en rood werd Haas. Haas bleek wat bangig en bracht de eerste dagen door onder mijn bureau, Vos vond het allemaal wel prima, maar na een week of wat leken ze zich allebei thuis te voelen. Ze verkenden het balkon en het huis. Kat Vos trok naar zoon Z. toe en kat Haas werd als snel de lieveling van dochter J. Ze behandelde hem als een levende pop en noemde hem ‘haar dochter’ ook al was hij een kater. Ze droeg hem overal naartoe of sloot hem op in haar kamer om tegen hem te praten of zingen of met hem te spelen.

Acht maanden geleden kreeg Haas opeens gekke aanvallen. Hij leek de controle kwijt te zijn over zijn lichaam. Het was heel zielig. We brachten hem naar de dierenarts. Hij bleek ernstig nierfalen te hebben en de epileptische aanvallen waren hiervan het gevolg. Hij kreeg andere voeding en het leek de laatste tijd eigenlijk beter met hem te gaan. Maar de laatste twee weken at hij opeens nauwelijks iets en werd steeds meer een hoopje ellende. De levendige kat die ons altijd miauwend begroette bij thuiskomst lag te slapen of sleepte zich voort en stortte dan weer kermend in. Het deed ons denken aan de laatste weken van poes Mus, maar die was toen 17 jaar oud en Haas slechts 6.

Tegen de kinderen vertelden we dat Haas waarschijnlijk niet heel lang meer bij ons zou zijn. En toen M. met hem naar dierenarts ging, bevestigde ze ons vermoeden: Haas was zichzelf langzaam aan het vergiftigen en zijn tijd was op. Aan het eind van de dag gingen we met z’n vieren naar de dierenarts voor het definitieve afscheid. Z. was daarvoor vooral erg verdrietig. Hij had die dag huilend op het schoolplein gestaan en zijn juf van vorig jaar had hem getroost. Hij snapte dat het einde verhaal was. J. was vrolijk en kletsend maar toen Haas eenmaal het prikje had gekregen en bij haar op schoot lag, kwam het binnen: Haas was dood. Z. en J. mochten allebei een plukje haar van Haas afscheren om te bewaren. Daarna lieten we hem achter bij de lieve dierenarts. J. huilde de hele weg naar huis en riep: ‘Ik weet niet hoe dat moet met maar een kat!’

De volgende ochtend zei ze als eerste: ‘Ik dacht dat ik droomde dat Haas dood was, maar toen ik wakker werd, was het echt zo.’ Ach, de wijsheid en het verdriet van een 6-jarige.
Op school vertelden we de juf wat er was gebeurd, want  J. wilde het niet zelf zeggen. Toevallig is het thema bij haar nu Dieren en alles wat daarbij komt kijken dus J. kreeg uitgebreid aandacht voor het verlies van Haas gelukkig.

We zijn nu twee dagen verder en J. en Z. lijken het al een beetje te accepteren. Verder is het is wel heel stil in huis met maar een kat inderdaad. Vos lijkt het verrassend goed te accepteren maar is wel heel aanhankelijk en lijkt erg van de extra aandacht te genieten.
Hopelijk duurt het nog heel lang voordat we ook van hem afscheid moeten nemen. Dag Haas, je was een baas.

Haas op stoel
kat Haas

Regen, schrijven en (on)zin

Net op het moment dat ik vertrok barstte de regen los en begon het ook te onweren. Ik besloot dat terugkeren geen zin had en fietste, hardop vloekend, door de stromende regen naar de pont.
Het was weer tijd voor een schrijfweekend. Ditmaal op de woonboot van een collega die voor langere tijd op reis was. Druipend van de regen kwam ik op de woonboot aan met mijn weekend- en boodschappentas. Bij het uitpakken kwam ik er echter achter dat ik de melk voor mijn koffie in de ochtend vergeten was. Dus moest ik weer door de regen naar het dichtstbijzijnde winkelcentrum. Ik fietste natuurlijk eerst verkeerd en kwam weer in de stromende regen in een uitgestorven woonwijk terecht. Je moet er wat voor over hebben, zo’n schrijfretraite.
Toen ik het winkelcentrum eenmaal had gevonden, zag ik Peter Buwalda samen met een jonge vrouw – beiden zonder capuchon en drijfnat – met een boodschappentas door de regen lopen. Woonde hij hier in de buurt? Of was hij net als ik op bezoek en verdwaald?
De rest van het weekend bleef ik binnen en probeerde te schrijven of te lezen of keek een film. En dacht soms aan Peter Buwalda, daar lopend in de regen. Dat ik nog nooit een boek van hem heb gelezen. En of iemand überhaupt zit te wachten op wat ik op papier aan het zetten ben. En of het zin heeft om daar over na te denken. Ja, druk hoor, zo’n weekend voor jezelf.
Het is weer droog, zie ik nu door het raam van de woonboot. Tijd om weer naar huis te gaan. Ik ben benieuwd wie ik nu tegen ga komen.

Het schrijfweekend

Omdat ik geen auto rijd (heb wel ooit mijn rijbewijs behaald maar nooit echt goed leren rijden, waardoor ik het nu niet meer durf) vertrok ik met bus, trein en daarna weer een bus naar het fijne huisje van vrienden voor een schrijfweekend. Het kostte mij 2,5 uur reizen maar dan heb je ook wat. Nu had ik ook nog een kater vanwege het onverwacht leuke feestje van de avond ervoor, dus de reis was een eh…uitdaging. Gelukkig was ik in mijn eentje dus viel ik niemand lastig met mijn chagrijn. Ergens halverwege voelde ik ook dat ik moest plassen maar ik dacht: ik ben er zo, nog even volhouden. Uiteindelijk kwam ik uitgeput en bijna in mijn broek plassend aan, maar haalde ik de wc net op tijd. Om daarna meteen de fiets te pakken naar de supermarkt bij de camping om de hoek. Die bleek tot 18.00 uur open te zijn. Het was 17.50 uur. Als een razende snelde ik door de winkel op zoek naar avondeten, ontbijt en lunch. Op de terugweg bleek mijn achterband lekkig maar toch wist ik fietsend met de zware tas aan het stuur het huisje te halen. Weer een overwinning.
Dat ik er niet helemaal bij was, bleek daarna wel toen ik een bord liet vallen (nog heel maar wel kleine stukjes eraf…) en daarna per ongeluk het koffiezetapparaat aangezet bleek te hebben waar ik gelukkig op tijd achterkwam. Ik praatte ondertussen steeds meer tegen mezelf. Dat doe ik sowieso al maar hier ging ik mezelf ook met mijn eigen naam toespreken. Dat was nieuw. Het was duidelijk tijd voor wijn. En inderdaad, na een glaasje ging het een stuk beter met mijn kater en met mijzelf. Ik stak de open haard aan en constateerde tevreden dat het een goed weekend zou gaan worden. Wel heel jammer dat het blijkbaar het weekend is van ‘We-knappen-ons-buitenhuisje-op’ want gisteravond werd er verderop tot laat geschuurd of gefreesd of hoe het ook heet maar het maakt enorm veel lawaai! En vanochtend begonnen ze om 8.00 uur in het huisje recht tegenover mij iets met een graafmachine te doen dat oorverdovend was. Maar ik laat me niet kisten: muziek aan, koffie erbij en hop: aan de schrijverij!

 

Beroep: vrouw

Ook al is de boekenweek weer voorbij, toch nog  even een stukje over wat mij is opgevallen. Namelijk dat er steeds meer aandacht lijkt te zijn voor vrouwen in de literatuur. Een goede ontwikkeling die ik toejuich. Maar…ja je voelde ‘m vast al aankomen….maar: in interviews met vrouwelijke schrijvers (schrijfster vind ik een stom woord) wordt altijd gevraagd waarom ze zo laat (lees: na hun veertigste levensjaar) zijn gedebuteerd. Dit wordt volgens mij nooit aan mannen gevraagd, zo ver ik heb kunnen nagaan. Ook al debuteren ze als ze zeventig zijn, dan is het halleluja wat geweldig. Maar bij vrouwen altijd die vraag. Niet alleen bij schrijvers maar ook bij actrices, zangeressen en andere beroepen in de kunst. Terwijl er vaak bij vrouwen honderd-en-één redenen zijn om later aan schrijven (of een ander creatief beroep) te beginnen: een andere carrière, kinderen, de overgang. Ik noem maar wat. En voor creatieve beroepen is eerst wat levenservaring wel mooi meegenomen, lijkt mij zo.

Je zou ook kunnen zeggen: wat heb je hiervoor gedaan en wat heeft je doen besluiten om nu te gaan schrijven? Of gewoon: de situatie nemen zoals die is, zonder te vragen over waarom nu. Want waarom: daarom!

 

Schrijven

Er hangt al een paar jaar een briefje in mijn badkamerkastje en elke keer lees ik het en denk: ja ja, het zal wel. Maar toch, maar toch. Het hangt er niet voor niks. Sterker nog: ik heb het briefje al tien jaar! Daar kwam ik gisteren achter. Al tien jaar heb ik dit briefje om me eraan te herinneren dat ik er nog ben en dat ik moet gaan doen wat ik echt wil. Dit briefje heb ik niet zelf bedacht maar kwam voort uit een coachingstraject dat ik deed nadat ik borstkanker had gekregen op zeer jonge leeftijd. Mijn coach vond dat ik moest uiten wat ik echt wilde. Want zoals ze destijds zei: ‘Je hebt een vroege midlifecrisis. En nu moet je uitzoeken wat je wilt gaan doen.’ En dit briefje moest mij eraan helpen herinneren dat ik ervoor moest gaan, wat het ook was dat ik wilde gaan doen.

Wat ik wilde doen, bleek dus schrijven te zijn. Zodoende begon ik ook deze blog tien jaar geleden (!?) Maar…daar tussendoor kwam het leven: een heftig ongeluk, eerst het ene en toen het andere kind, het overlijden van mijn lieve schoonmoeder, een bruiloft en snel daarna een verhuizing, een metalen plaat op mijn hoofd, een hernia. Ondertussen ook allerlei banen gehad, overspannen geweest en de kinderen levend proberen te houden. Nu ja, ik was dus wel even zoet met andere dingen, is zoals u begrijpt een understatement.

Maar, sinds september vorig jaar zit ik op de Schrijversvakschool (ik was zooooooooooooooo blij toen ik de mail kreeg dat ik was aangenomen!) en doe ik eindelijk eindelijk wat ik echt wil doen: (meer) schrijven! Het is zwaar, twee avonden les in de week en opdrachten en deadlines en feedback verwerken en herschrijven naast m’n werk en het gezinsleven, maar ik doe nu eindelijk wat ik tien jaar geleden op dit briefje schreef. Dus ergens heeft het toch zin gehad. Want wie schrijft, die blijft. Of zoiets. Nu gezond blijven. En blijven schrijven. Lezen jullie dan mee? Dat zou ik fijn vinden.

briefje schrijven

Kleine monsters

Daar zaten we dan: in het Members Only vak met een prosecco in de hand, enigszins zenuwachtig wachtend tot het concert zou beginnen. Vriendin S. had via haar werk kaarten weten te ritselen en had mij uitgekozen om mee te gaan. Al maanden hadden we het erover maar nu was het dan eindelijk zo ver: Lady Gaga! Opgedoft en ingeglitterd zaten we klaar voor het – volgens een servicemedewerker van het Ziggo Dome – ‘het concert van het jaar’. Of zei ze dat bij elk concert?

Een grote roze digitale klok telde af tot het concert begon en daarna barstte er een show los die haar weerga niet kent. Al na twee nummers zei Gaga: Sta op (jawel, in het Nederlands!). Dus dat deden we braaf.  Het ene glitterpakje werd in een oogwenk vervangen door een ander, nog waanzinniger, glitterpak. De dansers hadden sowieso elk nummer wat anders extravagants aan en tussendoor werden er bizarre clips geprojecteerd op schermen in de zaal. Een totaalervaring zoals alleen megasterren dat doen. We dansten, we lachten en we huilden. Ik dacht de hele tijd aan Madonna. Zonder Madonna geen Gaga, maar het schijnt dat Madonna niet met Lady Gaga wil praten. Ik denk een typisch geval van jaloezie. Want Madonna zal toch moeten erkennen dat Gaga haar voorbij is gestreefd. Minstens vijftien jaar geleden zag ik Madonna optreden en het viel me toen enorm tegen: ze kon eigenlijk helemaal niet zingen (en zeker niet dansen tegelijk) en alles leek heel plichtmatig afgewerkt te worden.

Gaga zit ook vrij strak in het regime van de show, maar je voelt dat alles voor haar een noodzaak heeft. Dat ze niet anders kan dan haar hele ziel en zaligheid te geven. Lady Gaga noemt haar fans ‘Little Monsters’ en jawel,  ze zei het echt: ‘Hi Amsterdam, how are you doing Kleine Monsters!’ Ook kwamen we erachter dat met je hand een klauw maken het teken is om te laten zien dat je van Gaga houdt en zo’n monstertje bent. Hoewel ik toch ook steeds Borat in mijn hoofd hoorde die iets zei over ‘the Jew’ en zijn ‘claw. Maar dat is uit een ander decennium. Een andere eeuw zelfs. En dus lieten we onze klauwen aan Gaga zien en ze zag dat het goed was.

Het meest ontroerende moment vond ik toen er briefjes op het podium werden gegooid en Gaga er uitje oppakte en voor begon te lezen. Het bleek van een jongen uit Slovenië te zijn die hier met zijn beste vriendin naartoe was gekomen. Hij schreef dat Gaga meerdere malen zijn leven had gered, dat hij zich altijd anders had gevoeld, net zoals zij en dat zijn grootste wens was om haar te ontmoeten. Ze ging naar de voorkant van het podium en daar stond de jongen. Ze gaf hem een omhelzing en begroette zijn vriendin. Je zou bijna denken: was dit voor geproduceerd? Want Gaga lijkt niks aan het toeval over te willen laten tijdens haar show. Maar ik denk toch echt dat dit een mooie samenloop van omstandigheden was. De jongen huilde en het hele stadion huilde mee. De wereld was even prachtig en tolerant en divers en inclusief, zoals het zou moeten zijn.

Eerlijkheid gebied mij te zeggen dat ik uit mezelf waarschijnlijk geen kaartje voor deze show had gekocht. Maar ik ben zo blij dat vriendin S. aan mij dacht om mee te gaan en ik had dit voor geen goud willen missen! Vanaf nu ben ik ook een Kleine Monster. Klauwen omhoog.