Voorbij de boekenweek

De boekenweek is voorbij en hoewel ik eigenlijk altijd – sinds de middelbare school – een boek kocht in deze week, heb ik dat dit jaar niet gedaan. Ik liet het voorbij gaan en merkte dat ik vooral weerstand voelde als ik aan de boekenweek en het thema van ‘Moeder, de vrouw’ dacht. Het boekenweekgeschenk van Jan Siebelink hoef ik eerlijk gezegd ook niet te hebben. Ik heb nooit een boek van hem gelezen en ik denk niet dat ik het ooit ga doen. Het zijn mijn thema’s niet en er zijn nog een miljoen andere boeken die ik graag wil lezen.

Misschien komt het ook door mijn opleiding aan de Schrijversvakschool. Dat alles wat met schrijven en boeken te maken heeft dichterbij komt. Dat ik het meer op mijzelf en mijn eigen ontwikkeling betrek. En wat ik de laatste jaren bemerk, is: ik lees vooral boeken geschreven door vrouwen. Niet expres, maar meer intuïtief. Omdat ik zelf een vrouw ben en wil kijken hoe andere vrouwen hun stem laten horen. Bovendien zijn er zoveel (en steeds meer) vrouwelijke schrijvers en wat zijn ze goed! Zoals de verhalenbundel ‘Dingen die we verloren in het vuur’ van Mariana Enriquez of ‘Lampje’ van Annet Schaap of ‘Hier’ van Joke van Leeuwen. Ik lees deze boeken en voel bewondering en herkenning en word geïnspireerd. Is dat niet precies wat we zoeken in goede kunst?

Overigens kun je natuurlijk ook nu, na de boekenweek, een boek kopen! Of misschien JUIST dan. Als de rust is weer gekeerd en de hysterie is weggeëbd. Geen irritante thema’s meer maar gewoon een boek uitkiezen dat je aanspreekt. ‘Dennie is een star’ van Maartje Wortel schijnt een aanrader te zijn. Ik ga straks naar de winkel.

Advertenties

Thuis

Het is een rare gewaarwording om al bijna drie maanden thuis te zitten met een hernia. Ik kan liggen en ik kan (een tijdje) zitten, maar lang staan en lopen blijven een uitdaging, hoewel het met de dag beter gaat gelukkig.

De wereld trekt in een traag tempo aan mij voorbij en ik maak dingen vaak maar zijdelings mee. Ik merk ook: hoe minder je doet, hoe minder je doet. Sta je vol in het leven, met bakken energie, dan kun je er vaak nog wel even wat bij hebben. Maar als je steeds heel veel pijn hebt en je energie is beperkt, dan moet je per dag bedenken wat wel en niet kan. Wel naar die ene afspraak is niet daarna nog boodschappen kunnen doen, hoe graag ik ook zou willen. Ik kijk benijdenswaardig naar mensen die zomaar heen en weer lopen of rennen, zonder hierbij na te denken.

Gelukkig brengen de kinderen regelmaat en reuring met zich mee. Gelukkig heb ik een lieve man die de boel oppakt en (bijna) alles doet wat er gebeuren moet. Daarnaast worden de kinderen (noodgedwongen) steeds zelfstandiger en blijken ze toch de tafel af te kunnen ruimen, zelf brood te kunnen halen en de was te kunnen sorteren.

En, ik schrijf waar ik kan. Een keer per week verzamel ik al mijn energie en ga ik naar mijn les aan de Schrijversvakschool. Ondertussen ploeter ik ook voort aan mijn kinderboek in wording, dus helemaal stil zit ik niet. Althans, niet in mijn hoofd. Zo. Zijn jullie weer op de hoogte. Tijd om weer even te gaan liggen.

Regen, schrijven en (on)zin

Net op het moment dat ik vertrok barstte de regen los en begon het ook te onweren. Ik besloot dat terugkeren geen zin had en fietste, hardop vloekend, door de stromende regen naar de pont.
Het was weer tijd voor een schrijfweekend. Ditmaal op de woonboot van een collega die voor langere tijd op reis was. Druipend van de regen kwam ik op de woonboot aan met mijn weekend- en boodschappentas. Bij het uitpakken kwam ik er echter achter dat ik de melk voor mijn koffie in de ochtend vergeten was. Dus moest ik weer door de regen naar het dichtstbijzijnde winkelcentrum. Ik fietste natuurlijk eerst verkeerd en kwam weer in de stromende regen in een uitgestorven woonwijk terecht. Je moet er wat voor over hebben, zo’n schrijfretraite.
Toen ik het winkelcentrum eenmaal had gevonden, zag ik Peter Buwalda samen met een jonge vrouw – beiden zonder capuchon en drijfnat – met een boodschappentas door de regen lopen. Woonde hij hier in de buurt? Of was hij net als ik op bezoek en verdwaald?
De rest van het weekend bleef ik binnen en probeerde te schrijven of te lezen of keek een film. En dacht soms aan Peter Buwalda, daar lopend in de regen. Dat ik nog nooit een boek van hem heb gelezen. En of iemand überhaupt zit te wachten op wat ik op papier aan het zetten ben. En of het zin heeft om daar over na te denken. Ja, druk hoor, zo’n weekend voor jezelf.
Het is weer droog, zie ik nu door het raam van de woonboot. Tijd om weer naar huis te gaan. Ik ben benieuwd wie ik nu tegen ga komen.

Beroep: vrouw

Ook al is de boekenweek weer voorbij, toch nog  even een stukje over wat mij is opgevallen. Namelijk dat er steeds meer aandacht lijkt te zijn voor vrouwen in de literatuur. Een goede ontwikkeling die ik toejuich. Maar…ja je voelde ‘m vast al aankomen….maar: in interviews met vrouwelijke schrijvers (schrijfster vind ik een stom woord) wordt altijd gevraagd waarom ze zo laat (lees: na hun veertigste levensjaar) zijn gedebuteerd. Dit wordt volgens mij nooit aan mannen gevraagd, zo ver ik heb kunnen nagaan. Ook al debuteren ze als ze zeventig zijn, dan is het halleluja wat geweldig. Maar bij vrouwen altijd die vraag. Niet alleen bij schrijvers maar ook bij actrices, zangeressen en andere beroepen in de kunst. Terwijl er vaak bij vrouwen honderd-en-één redenen zijn om later aan schrijven (of een ander creatief beroep) te beginnen: een andere carrière, kinderen, de overgang. Ik noem maar wat. En voor creatieve beroepen is eerst wat levenservaring wel mooi meegenomen, lijkt mij zo.

Je zou ook kunnen zeggen: wat heb je hiervoor gedaan en wat heeft je doen besluiten om nu te gaan schrijven? Of gewoon: de situatie nemen zoals die is, zonder te vragen over waarom nu. Want waarom: daarom!

 

Schrijven

Er hangt al een paar jaar een briefje in mijn badkamerkastje en elke keer lees ik het en denk: ja ja, het zal wel. Maar toch, maar toch. Het hangt er niet voor niks. Sterker nog: ik heb het briefje al tien jaar! Daar kwam ik gisteren achter. Al tien jaar heb ik dit briefje om me eraan te herinneren dat ik er nog ben en dat ik moet gaan doen wat ik echt wil. Dit briefje heb ik niet zelf bedacht maar kwam voort uit een coachingstraject dat ik deed nadat ik borstkanker had gekregen op zeer jonge leeftijd. Mijn coach vond dat ik moest uiten wat ik echt wilde. Want zoals ze destijds zei: ‘Je hebt een vroege midlifecrisis. En nu moet je uitzoeken wat je wilt gaan doen.’ En dit briefje moest mij eraan helpen herinneren dat ik ervoor moest gaan, wat het ook was dat ik wilde gaan doen.

Wat ik wilde doen, bleek dus schrijven te zijn. Zodoende begon ik ook deze blog tien jaar geleden (!?) Maar…daar tussendoor kwam het leven: een heftig ongeluk, eerst het ene en toen het andere kind, het overlijden van mijn lieve schoonmoeder, een bruiloft en snel daarna een verhuizing, een metalen plaat op mijn hoofd, een hernia. Ondertussen ook allerlei banen gehad, overspannen geweest en de kinderen levend proberen te houden. Nu ja, ik was dus wel even zoet met andere dingen, is zoals u begrijpt een understatement.

Maar, sinds september vorig jaar zit ik op de Schrijversvakschool (ik was zooooooooooooooo blij toen ik de mail kreeg dat ik was aangenomen!) en doe ik eindelijk eindelijk wat ik echt wil doen: (meer) schrijven! Het is zwaar, twee avonden les in de week en opdrachten en deadlines en feedback verwerken en herschrijven naast m’n werk en het gezinsleven, maar ik doe nu eindelijk wat ik tien jaar geleden op dit briefje schreef. Dus ergens heeft het toch zin gehad. Want wie schrijft, die blijft. Of zoiets. Nu gezond blijven. En blijven schrijven. Lezen jullie dan mee? Dat zou ik fijn vinden.

briefje schrijven

Open Dag

Er zitten al wat dames op leeftijd als ik druipend van de regen de kleine koffiekamer betreed. Aan een vrouw van de school die ons welkom heet, vraag ik of mijn mascara tot aan mijn kin is afgezakt. ‘Je ziet er prachtig uit.’ zegt ze. Of dat betekent of mijn mascara inderdaad overal zit of juist niet weet ik nu niet, maar ik besluit dat het niet uitmaakt. De dames op leeftijd hebben het over welke schrijfboeken door vrouwen zijn geschreven. ‘Kristien Hemmerechts. Ken je haar? Die heeft ook veel bijzondere dingen hierover op papier gezet.’

Met een kopje warme thee en een natte jas schuifel ik naar de ontvangstkamer waar al wat andere mensen klaar zitten. Vaders met dochters van in de twintig, dames van rond de vijftig, wat mannen en vrouwen van in de dertig of veertig – zoals ik – en een jongen die eruit ziet als zeventien. Ik zit op de stoel achter hem en hij ruikt naar Red Bull. Zenuwachtig kijkt hij de kamer rond. Ik voel me oud en jong tegelijk.

Eindelijk begint de introductie van de directeur. Hoe meer hij vertelt over de opleiding, hoe enthousiaster ik word. Ik wil dit ook. Hoe hard werken het ook is.

Daarna hebben we een proefles met een groepje van tien mensen. IJverig pennen ik en de anderen een uur lang mee met de opdrachten die we krijgen. Dan is het alweer afgelopen helaas. Hongerig storten we ons op de broodjes in de ontvangstkamer waarna we schuchter een gesprekje beginnen over of we ons aan gaan melden of niet. Ik spreek de docente die de proefles gaf. Een grande dame die alles wel eens meegemaakt schijnt te hebben. ‘Gewoon opgeven joh!’ zegt ze hartelijk.

Door de regen fiets ik heel blij weer naar huis.

Note to self: water geven

Tien jaar geleden zei een coach tegen mij: ‘Je plant wel zaadjes, maar je geeft ze geen water.’ Een opmerking die enorm is blijven hangen en af en toe als een oplichtende reclame slogan door mijn hoofd schiet.Want het is nog steeds op mij van toepassing, vrees ik. Heb ik dan niks geleerd in die tien jaar? Natuurlijk wel. Hoop ik…Maar de  dingen die ik echt graag wil, die stop ik blijkbaar in de aarde en dan wacht ik af. Totdat iemand anders ze water geeft. En dan kun je lang wachten, als u begrijpt wat ik bedoel.

Zo probeer ik al twee jaar mijn kinderboek op papier te krijgen en op de een of andere manier wil dit zaadje maar niet groeien. Maar om het nou met pot en al weg te gooien? Nee, dat vind ik zonde. Dan maar een nieuw zaadje planten? Of een oud verschrompeld plantje verzorgen en kijken of deze wel wil bloeien?

Hoe dan ook. Ik zit even vast wat het schrijven betreft. Vandaar de weinige stukjes hier. Maar ik geef niet op! En beloof mijn plantjes beter te verzorgen! Want in het echte leven heb ik juist groene vingers. Niet gelogen. Niets leuker dan een echt zaadje in de grond te stoppen en het plantje zo te verzorgen dat het mooi groeit en bloeit. Nu dit nog toepassen op mijn andere ambities…