Zeven

Al zeven jaar ben ik de ‘moeder van’. Dat is best een mijlpaal.

Wat eens een klein wezentje was dat vooral sliep, poepte, huilde, krampjes had, is Zef nu een jongen van zeven die leest, schrijft (iets minder goed rekent…), fietst, zwemt, knutselt, grapjes maakt, zijn zusje kliert, zijn zusje knuffelt, ons gekt maakt, ons daarna lieve briefjes schrijft en gisteren zijn kinderfeestje had met zijn tien vriendinnen.

Hij was door het dolle heen en waar ik had verwacht dat we brandjes moesten blussen of moesten ingrijpen bij gekissebis, ging het feestje zeer gesmeerd (met dank aan tante en grote nicht die meehielpen). s Middags kwamen familie en vrienden ook nog langs. Het was een lange, maar mooie dag vol cadeaus en taart en lieve mensen. s Avonds ploften we uitgeput op de bank, nadat de kinderen eindelijk in bed lagen. We schonken een glas wijn in en proostten op die zoon van ons. Toen realiseerde ik me ineens dat ik Zef nauwelijks had gezien of gesproken die dag. De dag die geheel in het teken van hem stond. Van hulpeloos wezentje is hij nu al een onafhankelijke jongen geworden. Ik ben trots en een beetje verdrietig tegelijk.

 

 

 

 

 

 

Advertenties

Ellen

Het winkelcentrum was in de kerstsfeer en de middenstand had vlak voor kerst flink uitgepakt om het winkelende publiek te vermaken en te verleiden.
Ik moest die zaterdag gewoon boodschappen doen en was met June niets vermoedend op weg naar de viswinkel toen ze opeens uitriep: “De ijsman! Daar is de ijsman!” En jawel hoor, daar zat de Kerstman in vol ornaat op een bankje met een backdrop van besneeuwde bergen. Je kon met hem op de foto. Gratis. Van mij had het niet gehoeven maar June fluisterde in mijn oor: “Ik wil naar de Kerstman toe.” Ze zat natuurlijk nog in de Sinterklaas sfeer. En voordat ik het wist zat ik op het bankje met een hoed op m’n hoofd, June op schoot bij de IJ/Kerstman en werd er een foto gemaakt. We moesten even wachten voordat de foto klaar was.

Op dat moment kwam Ellen het winkelcentrum binnen gelopen. Ze kwam naast we staan en vroeg wat er gaande was. “Eh, je kunt met ‘m op de foto” zei ik lacherig. “Het is blijkbaar gratis.” “Echt?” riep Ellen verheugd. En terwijl June en ik wachten op de onze, kroop Ellen lachend en met een cowboykersthoed op, bij de Kerstman op schoot voor haar eigen foto. Toen we onze foto’s kregen, overwoog ik even om te zeggen dat men wel eens denkt dat ik haar ben. 

Maar ik vond het toch een beetje raar. Dus hield ik mijn mond en liep even later buiten met een foto van de Kerstman in mijn ene en een zingend blij meisje van 3 in mijn andere hand. Buiten zag in Ellen in een auto wegrijden met haar eigen naam erop.

Swaan en June met de kerstman dec 2015

Amsterdam

Gesprek  in de Albert Heijn To GO tussen twee kassamedewerkers, een jongen en een meisje van begin 20:

J:”Kinderen, daar ga ik pas over nadenken als ik 35 ben of zo”
M: “Echt? Als je zo oud bent?”
J: “Ik wil sowieso niet dat mijn kinderen in de stad opgroeien. Ik ken een paar mensen die uit Amsterdam komen en die zijn echt raar.”
M: “…”
J:”En ook niet in Heerlen. Verder vind ik alles prima.”

 

 

Bye bye Spaceboy

Ik was 18 en verliefd op de jongen van de Herenafdeling. Zelf werkte ik bij het ondergoed en de kinderkleding. Eindelijk was het ervan gekomen dat we een afspraak hadden. Of nou ja, ik ging bij hem en zijn huisgenoot eten. Er gebeurde niks, want de huisgenoot was er de hele avond bij, maar wel luisterden we de hele avond naar David Bowie. Ik kende alleen “Let’s Dance” dus daarom maakte de jongen waar ik verliefd op was een mixtape voor me, met zijn lievelingsliedjes van Bowie. Avonden lang heb ik het bandje grijs gedraaid.

Het werd helaas nooit wat tussen mij en die jongen, maar Bowie was wel een liefde die bleef hangen. Ik ontdekte telkens weer een andere persoonlijkheid van deze kameleon en was steeds weer blij verrast.

In 2003 trad Bowie op in de Ahoy. Het was op een of andere manier gelukt om kaartjes te krijgen en zo zag ik The Man Himself optreden. Wat me vooral is bijgebleven is de kracht die er van hem uitging. En zijn geweldig stoere bassiste. En dat ik steeds dacht: dat poppetje daar in de verte is David Fucking Bowie!

Dank voor je muziek, je kunst en je humor Mr. Bowie.

So bye bye love
Yeah bye bye love
Bye bye love
Yeah bye bye love
This chaos is killing me
(Hallo Spaceboy – David Bowie, 1995)

Hier is de clip en het liedje.

 

 

Hazy Shade of Winter

Terwijl vanavond het kerstdiner op Zef zijn school is, voelt het buiten als de eerste lekkere lentedag. Ik kom thuis van Zef naar school brengen en ruim het balkon op (in mijn t-shirt!) alsof het tijd is om nieuwe plantjes te planten, terwijl de kerstboom me vanaf de woonkamer nieuwsgierig aanstaart. June heeft ondertussen nog nooit in haar (korte) leven sneeuw gezien en ik voel me lente optimistisch. Wat doen deze temperatuur schommelingen met onze geest? Meer of juist minder winterdepressies?

Ik doe ondertussen een lente dansje met the Bangles: Hazy Shade of Winter

 

 

Opgebiecht

Ik kom er steeds meer achter dat ik een verslaving heb. Het is niet dat ik eerder actief heb geprobeerd om ‘m te onderdrukken, maar de laatste tijd, zo met de feestdagen in aantocht, begin ik me toch een beetje zorgen te maken. Want dan ben ik opeens drie uur en twee tassen vol verder en wat heb ik eigenlijk gekocht? Goed, ik zal het opbiechten. Diepe zucht, hier komt het: mijn naam is Swaan en ik ben verslaafd aan kringloopwinkels.

Zo. Dat is eruit. Pfoe.
Gisteren heb ik namelijk twee uur in diverse kringloopwinkels doorgebracht, op mijn vrije middag. En vanochtend heb ik er nog twee andere bezocht en weer had ik twee tassen vol (overigens: niet alleen voor mezelf, ook voor de andere leden van het gezin sla ik in hoor!)
Het ding is: omdat je unieke spullen tegenkomt, voel ik me verplicht om ze te kopen, want ja: je weet niet wanneer en of je weer zoiets tegen gaat komen! En het is maar €6,- voor die bijzondere jas! En zo raakt mijn bankrekening steeds leger en mijn huis voller.

De regel die ik mezelf wel stel is: als er iets bij komt, moet er ook iets weg. Dat lukt nog niet zo heel erg goed. Het percentage is nu denk ik 1 op 5 (1 ding weg en 5 spullen erbij…) maar ik hou hoop. De eerste stap met het erkennen van mijn verslaving is bij deze gezet. Zo meteen maar de berging weer eens in om te kijken wat ik kan verkopen of wegdoen.

 

 

 

 

 

Hoop in bange tijden

Tijd voor hoop in deze nu zo bange wereld. Terwijl we angstig worden gemaakt, is dat het enige tegengif. Zoals de Belgische geluksprofessor Leo Bormans dat gisteren zo mooi uitlegde bij RTL Late Night. Dat is wat de terroristen namelijk willen: angst zaaien. En het tegenovergestelde van angst is hoop.
Als er een feestdag is die gaat over hoop, dan is het wel de intocht van Sinterklaas, die vandaag plaats vond. Al die verwachtingsvolle kinderen die uitkijken naar deze dag en hopen op mooie cadeaus.

Van de week stelde Zef DE VRAAG: “Mama, sommige kinderen in de klas zeggen dat Sinterklaas niet bestaat. Dat de papa’s en mama’s de cadeaus in de schoenen stoppen. Is dat waar?”
Ik was even stil en zei: “Wat denk je zelf hiervan?”
Zef zei: “De Kerstman bestaat niet. Dat weet ik zeker. Maar Sinterklaas wel.”
“Precies,” zei ik. “Hij komt zaterdag toch aan met de boot uit Spanje. Dat kun je zelf zien. Dus dan is het waar.”
Zef was tevreden met dit antwoord en ging verder met het maken van zijn verlanglijstje. Hoopvol uitkijkend naar het Sinterklaasfeest.